Antoon Van den Braembussche (Belgium)

 

Foto van Antoon Van den Braembussche

Antoon Van den Braembussche (Belgium)

Antoon Van den Braembussche (b. Eeklo, Belgium, 9 July 1946) is a Flemish cultural philosopher, professor emeritus at the Vrije Universiteit Brussels, poet and essayist. He started as a poet in his younger years, then became a lecturer in philosophy of history and later specialized in philosophy of art and comparative philosophy.

In his more recent work he has focused on postmodernism, poststructuralism and intercultural aesthetics. Important themes are representation and collective memory, and the philosophy of digital culture and contemporary art.

Work and essays

Antoon Van den Braembussche. Theorie van de maatschappijgeschiedenis. Baarn, AMBO, 1980.
Antoon Van den Braembussche. Denken over kunst. Een kennismaking met de kunstfilosofie, Bussum, Coutinho, 1994.
Antoon Van den Braembussche (red.), Voorbij het postmodernisme. Bedenkingen aan gene zijde van het fin de siècle, Best, Damon, 1996.
Antoon Van den Braembussche, Postmodernisme. Een intertekstueel Woordenboek, Budel, Damon, 2007.
Antoon Van den Braembussche, Intercultural Aesthetics. A Worldview Perspective (samen met Heinz Kimmerle en Nicole Note), Brussel, ASP, 2008.
Antoon Van den Braembussche en Angelo Vermeulen Baudelaire in cyberspace. Dialogen over kunst, wetenschap en digitale cultuur. ASP, Brussel, 2008.
Antoon Van den Braembussche, Thinking Art. An introduction to Philosophy of Art, New York, Springer, 2009.
Antoon Van den Braembussche. De stilte en het onuitsprekelijke. Over beeldcultuur, kunst en mystiek, Antwerpen, EPO, 2016.

Poetry collections

Tonko Brem, Liefdesverklaring. Gent, Yang Poëzie Reeks, 1979.
Tonko Brem, In het Voorbijgaan. Antwerpen, Uitgeverij Contramine, 1985.
Tonko Brem, Verzwegen Verleden. Gent, Uitgeverij J&J, 1995.
Antoon Van den Braembussche, Kant-tekeningen. Leuven, Uitgeverij P, 2007.
Antoon Van den Braembussche, Het uur van de wolf. Leuven, Uitgeverij P, 2014.
Antoon Van den Braembussche, Alles komt terug. Leuven, Uitgeverij P, 2018.


I WON’T LET YOU GO

I won’t let you go
with your love for dusk
your preference inhabited by words
for any silence
far away from all gods.

I won’t let you go
with your love for each loneliness
the untold clarity
the extremely slow, affable music
of being.

I’ll never let you go
easefully embracing the slowness
the pollen of unfulfilled desire
sadness with a golden edge
inside you for eternity.

Translation: Hannie Rouweler (Netherlands, Goor, 13 June 1951), poet and translator, lives in Leusden, The Netherlands.


IK ZAL JE NIET LATEN GAAN

Ik zal je niet laten gaan
met je liefde voor de valavond
je door woorden bewoonde
voorkeur voor elke stilte
die ver van alle goden is.

Ik zal je niet laten gaan
met je liefde voor elke eenzaamheid
de onnoemelijke klaarte
de uiterst trage, minzame muziek
van het zijn.

Ik zal je nooit laten gaan
langzaam de traagheid omarmend
het stuifmeel van onvervuld verlangen
de droefheid met een gouden rand
die in jou leeft en eeuwig is.


CORONA

Time has befallen us.

Unheard.
Unseen.

In drifting mist.
Sickening haze.

Corona.
Pneumonia.

A marten-flee from infection.
A squirrel-hoard gesture of anxiety
never seen.

Buried fear.

***
“The worst is yet to come”,
the virologist proclaims.

We are staring,
aimlessly staring
at exponential graphs.

In our homes,
our cocoons filled with viral-phobia.

In spouts of blood our eye dissolves,
the taboo of touching.
The standstill of the world.
The mask of the unseen.

***
In wards too packed
In beds too loud
Death is groping allover.

Merciless.
Lung-nigh.

The weakest wandering.
While the days are fading
into loneliness.

As they, who were ever lonely,
sink fast in inaccessible silence.

Like the virus petrified.
Incurable.

***
Corona.
Utopia.

In the arteries of the city
the air is cleansing itself.

Never before the digital has been
such a hide-out for compassion.

Never before the silence and the unspeakable
have reigned so much
in streets and squares.

As if, more than ever, this standstill
is teaching us something unforgettable:

The relief to be found in the moment.

March 24 2020
Translated into English by Richard Foqué

Thanks also to Dick van Spronsen
For an earlier version.


CORONA

De tijd heeft ons ingehaald.

Ongehoord.
Onzichtbaar.

In neerdwarrelende mist.
Ziekmakende verstuiving.

Corona.
Pneumonia.

Martervlucht voor besmetting.
Hamstergebaar van nooit geziene
Verontrusting.

Onderhuidse angst.

***
“Het ergste moet nog komen”,
zo spreekt de viroloog.

En wij turen,
wij turen wezenloos
naar exponentiële curves.

In onze huizen,
onze cocons vol smetvrees.

Ons oog verdwijnt in de bloedstraal,
het taboe van de aanraking.
De wereldwijde stilstand.
Het mondmasker van het ongeziene.

***
In overvolle ziekenzalen
in luidkeelse bedden
tast de dood in het rond.

Ongenadig.
Longnabij.

De zwaksten dolen.
Terwijl de dagen wegebben
in eenzaamheid.

Want wie ooit eenzaam was
verglijdt snel in ongenaakbaar zwijgen.

Versteend als het virus.
Ongeneeslijk.

***
Corona.
Utopia.

De lucht zuivert zich
in de slagaders van de stad.

Nog nooit was het digitale zozeer
een plek van mededogen.

Nog nooit heerste
in straten en pleinen zozeer
de stilte en het onuitsprekelijke.

Alsof de stilstand ons meer dan ooit
iets onvergetelijks leert:

de herademing in het ogenblik.

24 Maart 2020
© Antoon Van den Braembussche

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s