All that missing ( Al dat gemis ) / Poem by Hannie Rouweler

Poem by Hannie Rouweler
 
 
All that missing
 
The sofa dark brown cushions with two large chairs
a club it was called – what do I miss them. In my dreams
I took them to my new home. I always found
place for that couch and two comfortable chairs that
I left behind in a house. In my dreams, I also took along furniture
 
from the parental home. And also the paintings and sculptures
which I left behind at my loved ones, a memento, valuable, perhaps
more valuable than my presence in coldness that I dragged along
after senseless words: name a conflict or a fight a sort of debate.
I never left mess or trash behind, for someone else. Again and again
 
to start over. Even though I was happy, that the rickety table of which I never
wanted to say that he was wrong, had to leave, automatically disappeared.
Also the people I met who claimed to be my friends for years, dozens.
No one remained, over there, if you are married with a bag of potatoes.
 
The glossy exterior began to get bored, the view from upstairs of one
small maze in which flowers, due to lack of water, started
to be deteriorated. Invisible to the eye. But I do miss it all.
The big and small things. What remained and went, they belong together.
 
 
 
Al dat gemis
 
De bank donkerbruine kussens met bijhorende twee grote stoelen
een club werd dat genoemd – wat mis ik ze. In mijn dromen
nam ik ze allemaal mee naar mijn nieuwe huis. Altijd vond ik wel
een plek voor die bank en twee comfortabele stoelen die
ik achterliet in een huis. In mijn dromen nam ik ook meubels mee
 
uit het ouderlijk huis. En ook de schilderijen en beeldhouwwerken
die ik bij geliefden achterliet, een aandenken, waardevol, misschien
nog wel meer waard dan mijn aanwezigheid in kilte die ik meesleepte
na zinloze woorden: noem een conflict of ruzie dan maar een debat.
Ik liet nooit rotzooi achter voor een ander. Steeds opnieuw
 
beginnen. Ook al was ik blij dat die gammele tafel waarvan ik nooit
wilde zeggen dat hij niet deugde, weg moest, vanzelf verdween.
Ook de mensen die beweerden mijn vrienden te zijn, jarenlang, tientallen.
Geen bleef over daarginds als je met een zak aardappelen bent getrouwd.
 
De glossy buitenkant begon me stierlijk te vervelen, het uitzicht op een
klein doolhof waarbinnen bloemen, door gebrek aan water, begonnen
te verpieteren. Onzichtbaar voor het oog. Toch mis ik het allemaal.
De grote en kleine dingen. Wat bleef en ging, ze horen bij elkaar.
 
Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s